Het Pentagon, Big Tech en de financiële wereld: een gevaarlijke combinatie



Tekening van Rollin Kirby, Profiteer, 1919, Wikimedia, publiek domein

Tussen generaals en oligarchen uit Silicon Valley

In juli 2025 sloot Palantir een reeks contracten met een totale waarde van tien miljard dollar met het Pentagon. Deze contracten houden in dat beslissingen over het vaststellen van doelen, troepenbewegingen en inlichtingenanalyse voortaan niet meer door het militaire commando worden genomen, maar door de raad van bestuur van het bedrijf dat mede door Peter Thiel is opgericht. Deze raad van bestuur is verantwoording verschuldigd aan de aandeelhouders. Onder hen bevindt zich Stephen Miller, de huidige adjunct-stafchef van het Witte Huis en ideoloog van het meest reactionaire Amerikaanse chauvinisme…

Naast Palantir is er Anduril, een bedrijf dat is opgericht door Palmer Luckey, een van de meest rechtse figuren binnen de Big Tech, en Trae Stephens. Van de 30,5 miljard dollar aan beurswaarde bestaat 22 miljard uit contracten die zijn gesloten met het Amerikaanse militaire apparaat. Dit bedrijf heeft het platform Lattice ontwikkeld, dat satellietbeelden, radarbeelden en terreinfoto’s combineert in één enkel commandosysteem. Dit systeem is in staat om snelle operaties te plannen en uit te voeren zonder menselijke tussenkomst. Een van de meest enthousiaste voorstanders is staatssecretaris van Defensie Pete Hegseth.

De voormalige rechterhand van Thiel, Michael Kratsios, is benoemd tot hoofd van het bureau voor wetenschaps- en technologiebeleid van het Witte Huis. Michael Obadal, de nummer twee in de civiele hiërarchie van het Pentagon, bekleedde een leidinggevende functie bij Anduril. En Gregory Barbaccia werkte tien jaar bij de afdeling ‘inlichtingen’ van Palantir voordat hij directeur informatiesystemen van de federale overheid werd.

Wanneer roofdieren patriotten worden

Wat China betreft, was het Amerikaanse establishment jarenlang verdeeld in twee stromingen. Enerzijds waren er de „panda huggers“ (pandaknuffelaars), voor wie Peking een natuurlijke bondgenoot van Washington was. Dit was ongetwijfeld een erfenis van de strategie van Henry Kissinger en Zbigniew Brzezinski, die er tijdens de Koude Oorlog op gericht was de onenigheden binnen het Oostblok aan te wakkeren. Aan de andere kant stonden de ‘dragon slayers’ (drakendoders), voor wie een confrontatie met China onvermijdelijk is.

Vanaf de jaren 2000 wordt sinofobie echter staatsdoctrine. Deze tendens zal zich steeds verder doorzetten. In 2016-2017 verkondigt de kring rond Peter Thiel dat de VS de opmars van Peking op het gebied van mobiele technologieën, 5G en microchips absoluut moeten blokkeren. President Trump toont zich ontvankelijk voor deze sinofobe obsessie. In 2019 wordt Huawei door de Amerikaanse autoriteiten met strenge sancties getroffen: plaatsing op een zwarte lijst, verlies van toegang tot Google-diensten voor nieuwe smartphones die door het Chinese bedrijf worden geproduceerd, het instellen van gerechtelijke onderzoeken door de FBI op basis van verdenkingen van spionage…

De terugkeer van de Democraten naar het Witte Huis zal niets veranderen aan deze nieuwe koers. Integendeel, de regering-Biden breidt de exportbeperkingen uit naar machines voor de productie van chips, software voor de automatisering van elektronisch ontwerp en geavanceerde geheugens… En ze richt het OSC (Office of Strategic Capital) op om onderzoeksbedrijven op het gebied van nieuwe technologieën te financieren.

Met de terugkeer van Trump zet deze trend zich voort. De miljardair en grote donor Stephen Feinberg haast zich inderdaad om binnen het Pentagon de EDU (Economic Defense Unit) op te richten. Deze figuur is ook medeoprichter van de investeringsmaatschappij Cerberus, met een waarde van 65 miljard dollar, grotendeels vergaard door de ontmanteling van Amerikaanse industriële paradepaardjes (met name Chrysler). Het hoofd van de EDU is George Kollitides II, eveneens afkomstig van Cerberus. Daar komen met onderscheidingen overladen militairen samen met financiers die hun fortuin hebben opgebouwd door in te zetten op de uitholling van de Amerikaanse industriële capaciteiten en die hun sporen hebben verdiend bij fondsen als – naast Cerberus – Apollo en Cantor Fitzgerald. Wie zei ook alweer dat patriottisme het laatste toevluchtsoord van het gespuis is?

Feit is dat deze banden tussen het militaire apparaat, de wereld van Silicon Valley en financiers zwaar wegen op de machtsstructuur in de Verenigde Staten. Sommige waarnemers vrezen dat democratische procedures slechts nog voor de schone schijn worden gehandhaafd en dat er zich binnen de instellingen een sluipend autoritair kankergezwel ontwikkelt. Een kankergezwel waarvan het bestaan van ICE (Verenigde Staten Immigratie- en Douanehandhaving ) een van de symptomen is…